Birdnesting of Nestzorg, waardevol als regeling voor de kinderen, en een bewuste keuze van ouders in scheiding. Bij de keuze van deze vorm van verblijfsregeling is het echter belangrijk om duidelijke en concrete afspraken te maken.

Niet alleen over dagdagelijkse praktische zaken, maar zeker ook over hoe de financiën worden geregeld. Met bijkomend niet te vergeten dat het fiscale luik goed dient omschreven om niet voor onverwachte tegenvallers komen te staan. De domicilie van kinderen en ouders speelt hierin een belangrijke rol.

Om de voormelde en vele andere zaken goed door te praten, om maximaal geïnformeerd te zijn, om dan de best mogelijke beslissingen te nemen, is het nodig te kunnen steunen op een goede begeleiding. Ervaren bemiddelaars voor wie dergelijke vorm van verblijfsco-ouderschap geen blinde vlek is, vind je bij NEO Bemiddeling. Zo krijgen ouders de nodige deskundige begeleiding zodat hun bewuste keuze voor Birdnesting / Nestzorg maximale kansen maakt om te blijven duren.

In het Weekblad van De Standaard van 5 oktober, schreef Eva Berghmans een nuttig en interessant artikel. Graag maken we jullie attent op deze ‘succes-getuigenis’. Goed dat dit positief nieuws onder de aandacht wordt gebracht.
Het is immers mogelijk om Birdnesting een duurzaam karakter te geven, maar het vergt van de ouders heel wat bereidwilligheid, en de vaste wil om ‘samen’ deze vorm van verblijfsregeling alle kansen te geven… in het belang van de kinderen die niet voor een scheiding hebben gekozen. Het is dan goed dat in onderhavig artikel ook de kinderen zelf aan bod komen.

Birdnesting: niet de kinderen maar de gescheiden ouders pendelen tussen twee huizen

Velen reageerden sceptisch, toen de ex-geliefden Wederik en Joke begonnen met een weinig bekende vorm van co-ouderschap. Niet de kinderen pendelen tussen de twee huizen, het zijn de ouders die komen en gaan. ‘Ik ben mijn ouders heel dankbaar dat ze dit voor ons doen.’

Ze gaan wat onwennig rond de ­tafel zitten als ik me op zondagavond ten huize De Meersman-Van der Vurst meld. Er ging wat discussie in het gezin aan vooraf, of het een goed idee was om met hun persoonlijke ­leven in de krant te gaan staan.
Vader Wederik (46) was de aanstoker van dit artikel. Hij wil tonen dat een scheiding ook zonder grote gevolgen voor de kinderen kan, ook al gaf haast niemand in hun omgeving het ­co-ouderschap nieuwe stijl veel kans op slagen.
Hazel (17), de meest praatgrage van de kinderen, volgde hem in het idee dat het belangrijk is om te tonen hoe zij tot op grote hoogte als een gezin blijven functioneren. Ze merkt geregeld dat vrienden haar benijden, omdat zij niet tussen de huizen van haar gescheiden ouders moet pendelen.
­Eppe en Nel (een tweeling, 15) zijn het met haar eens, zoals wel vaker.
Moeder Joke (46) had de meeste bedenktijd nodig – omdat ze gesteld is op haar privacy en zelf wil kiezen met wie ze haar verhaal deelt. ‘Er hangt zo’n stigma rond.’ De kinderen begrijpen wat ze bedoelt.

Nel: ‘Als er bijvoorbeeld in de les zedenleer gevraagd wordt van wie de ouders gescheiden zijn, vind ik het nog altijd raar om mijn hand op te steken.’

Hazel: ‘Bij “gescheiden” denk je direct aan zo’n stereotiep beeld. Je ziet er meteen de kinderen bij die continu verhuizen tussen de huizen van hun ouders, die zich excuseren in de les omdat ze een boek vergeten hebben in het andere huis. En dan die verhalen over gedoe met stiefmoeders en stiefvaders. Ik zeg eigenlijk niet dat mijn ouders gescheiden zijn, ik zeg dat ze uit elkaar zijn. Ik was vooral verdrietig toen ze zeiden dat ze gingen scheiden. De regeling die ze voorstelden, hielp. Het lijkt me heel erg als je geen thuisbasis meer hebt’.

Nel: ‘Ik corrigeer mensen ook als ze het over mijn “stiefouders” hebben. Dan leg ik uit dat ze voor mij “de vriendin van mijn vader” en “de vriend van mijn moeder” zijn.’

Birdnesting een vorm van living together apart

Voor Joke en Wederik was de nahuwelijkse vorm niet eens een punt van discussie. Gelijktijdig met hun beslissing om te scheiden, besloten ze om de kinderen onder het ouderlijke dak te blijven opvoeden. Voorbeelden hadden ze niet. ‘We wisten niet eens dat de formule die wij in gedachten hadden een naam had’, zegt Joke.

‘Birdnesting’ heet het systeem waar zij intuïtief voor kozen. Het is een vorm van ‘living together apart’, waaronder alle vormen van co-ouderschap vallen waarbij de ouders ervoor kiezen om het gezin niet over twee plekken te splitsen. Bij ‘birdnesting’ blijven de kinderen voltijds in het ouderlijke huis, de co-ouders wisselen elkaar in dat huis af.
Joke is er telkens in de eerste helft van de werkweek, Wederik in de tweede helft. De weekends nemen ze afwisselend voor hun rekening.

Hazel: ‘Jullie wisten gelukkig dat wij absoluut niet wilden verhuizen, het is niet dat wij ons veto hebben moeten stellen. Ik denk niet dat er veel kinderen van gescheiden ­ouders zijn die willen verhuizen, maar de meeste ouders houden daar geen rekening mee. Elke keer als ik met vrienden praat, ben ik jullie heel dankbaar.’

‘Het huis moet een veilige plek zijn voor iedereen – voor de kinderen, maar ook voor ons.’

Wederik: ‘Eigenlijk hadden wij hetzelfde geredeneerd als onze kinderen. Het was onze beslissing om te scheiden, daar moesten zij zo min mogelijk de gevolgen van dragen.’

Nel: ‘Ik was vooral verdrietig toen ze zeiden dat ze gingen scheiden. De regeling die ze voorstelden, hielp wel wat. Het lijkt me heel erg als je geen thuisbasis meer hebt.’

Hazel: ‘Voor ons is er niet zoveel verschil met vroeger. De regels en routines zijn ­dezelfde gebleven. Het enige verschil is dat er maar één ouder aanwezig is.’

Wederik: ‘Eén keer per week doet Joke bood­schappen, net zoals vroeger. Ik neem nog altijd de administratie en de financiën voor mijn rekening’

Nel: ‘Ik vond het in het begin wel lastig. Dan voelde een halve week mama of papa niet zien heel lang. Nu gebeurt het nog, maar evengoed heb ik soms al het gevoel dat het snel weer woensdag is.’

Joke: ‘Het was een bewuste keuze om niet voor een week-weeksysteem te kiezen. Als je elkaar een week niet ziet, verlies je heel veel voeling met elkaar.’

Hazel: ‘Het is goed zoals het is. Een halve week is soms al lang genoeg om te onthouden dat je iets tegen de andere ouder moet vertellen. En voor sommige dingen heb je toch echt mama of papa nodig. Over wiskunde heb ik al veel met papa gefacetimed. En voor Frans moet ik bij mama zijn.’

Joke: ‘Je mist altijd iemand. Als ik hier ben, mis ik mijn partner. Als ik daar ben, mis ik mijn kinderen. Ik heb ook altijd het gevoel dat ik ergens toekom, zowel hier als bij mijn nieuwe partner. Ik moet altijd weer ­invoegen.’

Hazel: ‘En wij vinden het soms irritant om op een vraag te antwoorden als we het al ­tegen papa verteld hebben. En we moeten zo expliciet “hallo” en “dag” zeggen als ­jullie aankomen of vertrekken. Tegen mama moeten we altijd heel hard dag zeggen. Je kunt niet naar de fitness vertrekken en pas terugkomen als ze weg is, zonder “dag” te zeggen.’

Joke: ‘Ik vind dat belangrijk, zeker als ik weet dat ik je tot zondag niet meer zal zien.’

Nel: ‘Ik begrijp dat. Ik zou het ook niet leuk vinden mocht mama ineens weg zijn zonder dag te zeggen.’

Duidelijke structuur en goede afspraken

Cijfers voor deze gezinsvorm zijn er niet, maar volgens bemiddelaars is het een kleine minderheid die eraan begint, en een nog kleinere minderheid die het lang volhoudt.
Bij de familie De Meersman-Van der Vurst werkt het intussen al bijna drie jaar, en ze weten alle vijf al wat de uitkomst van de volgende jaarlijkse ‘algemene vergadering’ zal zijn: voortdoen. Hoe verklaren ze dat?
Heldere afspraken, goede communicatie, niet alles op de spits drijven, dat heb je nodig om als ex-partners toch nog als ouder­koppel én huishouden te blijven functioneren, maar evident lijkt het niet.
‘Als je elkaar niet meer kunt horen of zien, moet je er niet aan beginnen’, zegt Joke. ‘Plat gezegd: je mag niet zo kwaad op elkaar zijn dat je ­elkaars sokken niet meer kunt opvouwen.’

Wederik: ‘In het begin moet je je best doen om twee dingen niet door elkaar te halen. Aan de ene kant ben je bezig met je scheiding te verwerken, met allemaal heftige emoties. Tegelijk moet je allerhande ­­af­spraken maken, omdat je de boel zo proper mogelijk wilt regelen. Dat kan alleen als je een beetje vergevingsgezind met elkaar omgaat.’

Joke: ‘Het liep niet van een leien dakje. Dat zou ook raar zijn, als je uit elkaar gaat. Zeker in het begin moet je kiezen welke strijd je wilt aangaan. Ook al omdat je met elke ­ergernis die je aankaart, hoe klein ook, het risico loopt dat er veel andere dingen beginnen mee te spelen.’

Wederik: ‘In het begin kwam er bij zowat elke wissel spanning kijken. We zijn vaak op het terras gaan staan om dingen door te ­praten zonder dat de kinderen het konden horen.’

Hazel: ‘Niet dat wij dat niet doorhadden.’

Joke: ‘Je hebt een grote openheid nodig, juist op een moment dat je door een heel moeilijk proces gaat. Je moet blijven praten, ondanks alles.’

Wederik: ‘Wat geholpen heeft, is dat wij al een heel gestructureerd huishouden waren. Op het neurotische af, volgens sommigen.’

Joke: ‘We moesten wel, we kregen drie kinderen in twee jaar tijd.’

Wederik: ‘We hebben voortgebouwd op die structuur. Er wordt nog altijd een week­menu gemaakt en één keer in de week doet Joke boodschappen, net zoals vroeger. Ik neem nog altijd de administratie en de ­financiën voor mijn rekening.’

Joke: ‘De partner die in het weekend in het huis is, doet de was. Tot alle manden leeg zijn. We hebben nog van die gedetailleerde afspraken, om ergernissen te vermijden. Op de dag dat je weggaat, ruim je alles op. Je stofzuigt, je maakt het fornuis schoon, je haalt het papier van de fishsticks uit de oven. Als je samen bent, vang je al eens iets voor elkaar op, of je kijkt niet zo nauw, of zegt dat je geen goesting hebt.’

Wederik: ‘In het begin moesten we vaak afspraken bijstellen en verfijnen. Voor sommige dingen zijn we bij een bemiddelaar gepasseerd. Hij heeft ons bijvoorbeeld geholpen om de financiële regeling op punt te krijgen.’

Joke: ‘Vroeger ging al ons geld in één pot. Nu dragen we allebei proportioneel af voor de gezamenlijke kosten. We houden dus ­allebei evenveel over voor onszelf. Als ons inkomen verandert, dan wordt de berekening aangepast. We hangen dus aan elkaar vast: als een van ons halftijds zou willen gaan werken, moeten we daarover praten.’

Wederik: ‘We hebben een kindrekening, een huisrekening en een spaarrekening ­samen. Die spaarpot hadden we samen ­opgebouwd en hebben we gemeenschappelijk gehouden. Ik vind dat geruststellend: als er grote kosten aan het huis zijn, moet je dat niet van je persoonlijke rekening bij­passen.’

Wat met nieuwe partners van ma en pa?

De kinderen geeuwen. ‘Zo ging het op den duur ook met de wekelijkse familie-etentjes. Dan hadden we niet per se een gesprek met ons vijven over wat er goed en slecht was, maar zaten mama en papa praktische dingen te bespreken’, zegt Hazel.
Het systeem loopt sinds het tweede jaar zo vlot dat de systematische familievergaderingen intussen zijn afgeschaft. Eigenlijk is er voor de kinderen in al die tijd van familievergaderingen maar één echt lastig issue geweest.

Eppe: ‘Dat ging over de nieuwe vriend en vriendin van mama en papa. Over wanneer die kwamen en of ze bleven slapen. We vonden dat er op dat vlak rekening met ons moest worden gehouden.’

Nel: ‘Ineens is er dan een persoon die je niet kent in je huis. Dat was in het begin best lastig. Nu zijn we het gewend en zijn er meer afspraken rond. En we kennen die personen natuurlijk ook wat beter.’

Joke: ‘Ook daar zijn we uit geraakt door naar een bemiddelaar te gaan.’

Wederik: ‘Stel scherp wat birdnesting voor jullie betekent, zei hij. Dat is: een veilige plek voor iedereen – voor de kinderen, maar ook voor ons. En dan is er afgesproken dat de nieuwe partners hier alleen te gast zijn. Ze blijven al eens slapen, maar wonen hier niet. Ze blijven van onze persoonlijke spullen af en ze laten geen persoonlijke spullen achter. We melden ook goed op voorhand aan de kinderen dat ze langs­komen.’

Joke: ‘En ze hebben geen pedagogische rol.’

Eppe: ‘Die moeten niet zeggen: doe uw huiswerk of ruim eens op.’

Joke: ‘Het zijn nog altijd wij twee die ­samen beslissen hoe we onze kinderen opvoeden. De regels zijn dezelfde. En bij grote vragen overleggen we.’

Wederik: ‘Als het over geld gaat, bijvoorbeeld, omdat iemand een nieuwe telefoon of een Netflix-account wil hebben. Toen Hazel wou beginnen uit te gaan, hebben we ook overlegd.’

Joke: ‘Een nadeel van dit systeem is dat ­onze nieuwe partners geen echte band met de kinderen ontwikkelen.’

Wederik: ‘En je kinderen zijn ook niet echt geïnteresseerd in je nieuwe partner.’

Hazel: ‘Dat is niet omdat we iets persoonlijk tegen hen hebben. Het was zeker anders geweest als wij halftijds bij hen hadden moeten intrekken. Dan moet je je al zoveel aanpassen, dat je die nieuwe mensen erbij neemt en wel aan hen went. Maar voor ons zijn die mensen bezoek, zoals al de rest.’

Wederik: ‘Soms heb ik het gevoel dat de kinderen het huis als hun ding zijn gaan ­beschouwen. Alsof ze zeggen: het is onze plek, en mama en papa mogen erbij, maar in de grond is het onze plek.’

Joke: ‘Ja, dat gevoel heb ik ook.’

Hazel: ‘Ik snap waarom jullie dat denken.’

Nel: ‘Ik denk dat we het onbewust wel zo doen.’

Eppe lacht.

Bron De Standaard: https://www.standaard.be/krant/publicatie/20191005/dsw/dn/dsw/optimized

Lees ook dit blogartikel: https://www.neobemiddeling.be/blog/birdnesting-de-ouders-en-niet-de-kinderen-gaan-op-en-neer

Neem contact met ons op voor het maken van een afspraak.

Keuze uit 3 mogelijkheden, nu enkel nog de stap zetten: 

Bronvermelding foto: JPstock / Shutterstock.com

Echtscheiding
Tags: 
Kinderen, scheiden, Ons huis, EOT, Verblijfsregeling, birdnesting
Categorie: 
Bel of mail voor een afspraak om te zien wat wij voor u kunnen betekenen